Minoe vermist (maand 2)

Dertig dagen gaan voorbij. Wat doe je dan verder als die kat maar niet terug komt?

  • Dag 30 en 31: Een witte kat op het dak van de garages in de nabij gelegen Beukelaarstraat! Amper 300 m stappen en 200 m in vogelvlucht. Wel afgesloten door een automatische poort, maar drie verschillende mensen hebben ze samen vier keer gezien. Op het dak en lopend in de straat. Daar zit iets in!
  • Dag 32: Een gerichte flyeractie in de buurt van die garages naar aanleiding van de binnen gekomen tips. Twee straten, goed voor een 100-tal blaadjes in de bus. En mailen naar organisaties die katten opvangen, zoals Kat zoekt thuis en het dierenasiel van Gent.
  • Dag 37: Na het mailen, ook zelf eens een bezoekje te brengen aan Poezenboot en dierenasiel. In het asiel zat de foto en beschrijving van Minoe al schoon in hun map.
  • Dag 39: Verschillende oud-buren hebben in de Makelaarsstraat, de straat waar ik vroeger in de Muide woonde, een witte kat gespot! Naar waar loop je dan je wekelijkse toertje? Naar de Muide natuurlijk.
  • Dag 40: Derde flyerronde aan de overkant van het water. Zo’n 120 flyers.
    “De verschillende ogen maken haar erg herkenbaar“, gaven ze me in het dierenasiel mee. Ik besluit dan maar al m’n zwart-wit kopies in het vervolg wat kleur te geven.

    Kleur
    Mikken op herkenbaarheid

    Ik heb er nog een aantal tekort voor de woonboten, en ik print er nog 30 af voor later.
    ‘s Avonds gaan we op zoek naar de witte kat in de Makelaarsstraat. Toertje doen, drank in de nachtwinkel halen en op een bankje zitten wachten tot ze opduikt in het parkje of in de aanpalende straten.

  • Dag 43: De kat loopt opnieuw rond in de Makelaarsstraat, lees ik. Ik fiets er onmiddellijk naartoe. Ik tref ze aan, tracht ze te volgen, maar ze reageert plots op het geroep van één van de buren in de straat. Niet doof, niet mijn kat.
  • Dag 45: Telefoontje vanuit de Bargiekaai dat er een verloren witte kat zit bij iemand aan het Fonteineplein. Men weet wel niet waar. De witte kat in kwestie heeft wel een zwart vlekje op het hoofd, maar misschien is het een zwarte veeg. Ik begin te flyeren, maar na één straat zie ik het witte katje met het zwarte vlekje voor het raam zitten. Niet spierwit, niet mijn kat.
  • Dag 48: Misschien is Minoe het langs één van beide kanten verderop gaan zoeken? Aan de ene kant via de vaart in Mariakerke of aan de andere kant via het Groenvalleipark in Ekkergem? Een oproep in de facebookgroepen Mariakerke Leeft en Ekkergem, that is. Ik krijg de tip dat het groot kerkhof, de Westerbegraafplaats, wel een hotspot is voor zwerfkatten.
  • Op dag 50 flyer ik nog wat verder over het water. De twee voornaamste straten die vanuit het witte brugje het Rabot ingaan.
  • Dag 51: Zondagmorgen 8u15. De Beukelaarstraat belt. Acht keer, want de telefoon ligt beneden. “Denk uw poes te hebben, maar krijg haar niet te pakken”, zegt het smsjeIk schiet in mijn kleren en fiets ernaar toe. Maar de witte kat blijkt al weer weg, ook na een klim op het dak. Ze zat er tien minuutjes met haar pootjes over het randje van het dak. Op zondagmorgen doet hij of zij daar blijkbaar telkens een toertje. De garages zijn wel afgesloten, maar ik plan ginder wel eens voor een ontbijtje in haar eigen fel-oranje eetbakjes. Het wordt een zondagavonddiner.
    Wachten op de gasten
    Wachten op de gasten

    Ik flyer ook de huizen aan mijn kant van de Bevrijdingslaan. Die had ik destijds in mijn ronde niet opgenomen, wegens te druk voor katten. Maar door op een dak binnenin een woonblok te staan, begin ik beter beseffen dat ik niet flyer voor de straatkant, maar wel voor de loodsen, garages en tuintjes áchter de gevels. En de cité’s, want die zijn soms groter dan je denkt.

  • De dag erop plan ik om de volgende dagen ‘s avonds en ‘s morgens op een vast tijdstip op het dak te gaan kijken en er het eten ondertussen bij te vullen. Als ik aanbel, doet men de poort voor me open. ‘s Avonds zijn de twee bakjes helemaal leeg, en een wit-grijs gevlekte zwerfkat spurt weg. Diezelfde zwerfkat blijkt de volgende volgende dagen één van de vaste gasten.
  • Dag 55: Het voordeel van schijnbaar doelloos op een dak te staan en er op rond te wandelen is dat je mensen die vanuit hun appartement op het dak uit kijken en garagebezoekers persoonlijk kunt mobiliseren. ‘s Middags had men mij proberen te bellen. Gsm op stil natuurlijk, en pas later beluisterd. De witte kat liep rond op het dak, was samen met de zwerfkat wat lelijk aan het doen. Men twijfelde wel aan de ogen. De sms die ik verder krijg was weinig hoopvol. ‘Beste Michaël, ik heb de poes natuurlijk maar op 3,5 m kunnen naderen, en dus geen idee of het blauwe oog dan zichtbaar zou zijn, maar ik meen echt 2 gele ogen gezien te hebben. Jammer voor jou en hopelijk is Minoe snel terug’. En nu? Op de verkeerde kat aan het wedden? Hoe meer ik ermee bezig ben, hoe meer ik Minoe natuurlijk verder mis.
  • Dag 57: Ik flyer nog de rest in het donkerrood van mijn kant van de Bevrijdingslaan tot aan de Rooigemlaan. Iedereen in het rood kreeg de voorbije weken één of meerder keren een blaadje in de bus. Ik twijfel over de andere kant, maar maak toch 400 kopies, en dus 800 flyers. Het zal één van de laatste acties zijn die ik doe. Niet omdat ik denk dat ze daar rond loopt, maar wel omdat iemand ze daar misschien heeft binnen genomen. Het is en blijft een binnenkat. Nu nog kiezen of ik tot de Kastanjestraat of tot de Meibloem-en Ooievaarstraat ga flyeren.
    FlyerkaartjeDag57

Minoe vermist (maand 1)

Bon, je kat staat na enkele dagen niet vanzelf terug aan de deur. Wat doe je dan in zo’n geval?

  • Je leest diagnonaal het verhaal van de vermiste Blinkie op www.katvermist.com. Je haalt er de tips en acties uit die je redelijk en effectief lijken, en je rolt met je ogen (ultrasound device, cat profiling, kattenfluisteraars, warmtebeeldcamera’s,…).
  • Je post in de facebook-groepen in de buurt een beschrijving van je kat met de schattigste foto die je voorhanden hebt. Ik had me net geregistreerd op het buurtnetwerk Hoplr, dus kwam de post ook daar terecht.  Je polst ook bij De Poezenboot, gezien ook wel dichtbij.
  • Je overburen van de Muide, waar je vroeger woonde, pikken het bericht op, en houden daar een oogje in het zeil, want hey, daar zou ze ook wel eens kunnen staan.
  • Je hebt verlof, dus doe je wandelingetjes langs de vaart en in nabij gelegen parkjes, bouwwerven, woonerven en kijkt onder auto’s en tussen struiken. Je blik houdt niet enkel stil bij de sporadische katten, maar ook bij elke witte plastic zak. En uiteindelijk heb je door dat je beter de rustige uren opzoekt, in de schemering en bij valavond.
  • Je wordt lid van Facebook groepen zoals gent vermiste,verloren en gevonden dieren, Vermiste katten in België, Binnenbeest.be en Lost Cats BE/NL. De laatste drie groepen zijn een aanvulling op hun website, waar je online een formulier in kunt vullen dat dan automatisch naar een opsporingsbericht op hun website en in deze groepen wordt omgezet. De site vermistekatten.be lijkt mij hier wel het beste te scoren.
  • Op dag 5 ga je de analoge toer op. Je stelt een flyer op. Naar aanleiding van een buurtfeest had ik het aantal bussen langs de vaart al eens geteld, en telde ik er 40 per omliggende straat bij. Het werden uiteindelijk 430 flyers.

Snirf

  • Je voorziet iets lekkers, moest Minoe voor een gesloten deur staan. Thuis zijn is ook de deur op een kier zetten, want door een hoge muur achteraan kan ze enkel vooraan terug het huis in. Ik verwacht ze dan ook plots voor de deur zoals die vorige keer.
Gegadigden
Er zijn nog gegadigden

  • Je leert kattenvrouw K.V. aan de woonblokken bij Lievekaai kennen.
  • Je legt flyers bij de bakker.
  • Dag 23: Mails en flyers bij de dierenartsen binnen steken in de buurt.

Bedankt Gentblogt

We spreken ergens 2004,-5 of -6:

– “Van waar zijde toens wel?”
– ik: “uit Ieper.”
– “Aha, een Westfluut. D’er zijn d’er hier vele. Blijven plakken na de studies zekerst?”
– ik: “Ahja, zo gaat dat hé.”
– “En blijfd’ier weunen?”
– ik: “‘k Peistwel…. “

maar ik dacht erbij: “…want er zitten hier in Gent bende gedreven digitale snaken die gewoon vanuit het niets een gazet op het internet uit de grond stampen. Ze noemen het Het Project, en ook wel een stadsblog. Een groep enthousiastelingen die daar dag in dag uit mee bezig zijn. Ze blogden al op hun eigen – over lopen, beesten op de koer, hun legendarische kat, boeken en CD’s, maar dus nu ook op Gentblogt. Ze vertellen wat er in Gent te doen is, en over hoe graag ze die stad zien.  Kweeniethoe handig om die stad te leren kennen. Ze organiseren ook tien dagen lang de verslaggeving van de Gentse Feesten met vliegend reporters via mailinglijsten en wiki’s en al. (en gebruiken ook veel “en al”) Wat een krachttoer is dat elk jaar weer. Nie geweune.”

25 juli 2006, de laatste ochtend van de Gentse Feesten:

“Maar kijkt, dat is Michel van Gentblogt. Die gaat ‘s ochtends op de Vlasmarkt op pad met zijn kodak om foto’s te schieten. Ziedewel, we staan erop!”

De meneer die mijn weblog leest
Foto Michel Vuijlsteke

In 2008: Die jaarlijks krachttoer, daar wil ik wel eens aan meedoen.  Ik heb eens in de Vooruit gezeten, met Michel, i., Els en Bruno en andere geïnteresseerden. Kijk, kaartjes:

gentblogt

Eén artikeltje, dat moet toch lukken. Ik ben nu toch op wandel, en heb m’n notitieboekje bij. Hannelore Bedert, is dat de moeite? Of beter iets anders? Isabelle A en A Brand in de Charlatan. Oké, ik typ, (en hertyp en hertyp, weetwel…), klaar en insturen.  ‘t Staat er op!

GentBlogtIsabelleA

Vijf dagen later waagde ik me aan een volgend concertverslag. Via een aantal vluchtig getikte steekwoorden op de gsm stond ook een tweede artikel op de site te blinken.

Velen gingen me al voor in het afscheid en de bedankingen, ik heb ze één voor één gelezen. Van mijn kant oprechte dank, iedereen van Gentblogt, om tien jaar onze, en ook mijn gids in Gent te zijn!